14 april 2017

CD&V gaat voluit voor energiepact

 

Nu de biomassacentrale in Langerlo er definitief niet komt, is er meer dan ooit nood aan een ambitieus kader om onze hernieuwbare energiedoelstellingen alsnog te halen en onze bevoorradingszekerheid te garanderen. CD&V dringt al enkele jaren aan op een interfederale energievisie en een bijhorend energiepact om de energieomslag waar te maken.

Hoewel de deadline voor de ontwikkeling van een energievisie zoals opgenomen in de regeerakkoorden al ruimschoots is overschreden, komt nu ook de deadline voor het behalen van de Europese hernieuwbare energiedoelstellingen tegen 2020 angstwekkend dichtbij. Daarenboven moeten we eind dit jaar een gezamenlijk energie- en klimaatplan overmaken aan Europa. Helaas blijft het debat daarover compleet uit. Mijn collega, Vlaams volksvertegenwoordiger Robrecht Bothuyne en ikzelf zijn het getalm dan ook meer dan beu en hebben zelf een voorzet klaar: door het failliet van Langerlo kunnen we kiezen voor goedkopere alternatieven. Daardoor sparen we minstens 80 miljoen uit waarmee we de energiefactuur van alle Vlamingen kunnen verlagen,  op voorwaarde dat we de EU-doelstellingen halen. Zoniet kijken we aan tegen een jaarlijkse boete van 83 miljoen. Als de ministers van energie niet snel met een energie- en klimaatplan komen, zijn ze collectief verantwoordelijk voor het feit dat de energiefactuur van onze gezinnen en bedrijven niet naar omlaag kan of zelfs verhoogt. Wachten is geen optie mee. De speeltijd is nu echt wel voorbij. Niets beslissen is schuldig verzuim.

Al enkele jaren brengt CD&V de energiesector jaarlijks bijeen voor debat- en studiemomenten over de stand van zaken van ons energiebeleid. Op 6 juni is dit opnieuw het geval. Maar in tegenstelling tot eerdere edities wordt deze keer niet louter ingezoomd op goede praktijken of recent studiemateriaal. Omdat een coherent interfederaal plan van aanpak voor de omschakeling naar een toekomstgerichte energiebevoorrading uitblijft, legt de partij haar eigen voorstellen om tot een toekomstgericht energiebeleid te komen ter discussie. Vandaag publiceert CD&V deze tekst. Zo willen we op een constructieve manier bijdragen aan het maatschappelijke en politieke debat dat nodig is om tot een breed gedragen energievisie en –pact te komen.

Energiekabinet

We staan voor een gigantische energie-omslag. Dat vraagt niet alleen nieuwe productieprocessen en innovatieve technologieën. Er is ook nood aan een brede maatschappelijke consensus om keuzes te maken en die consequent door te trekken. CD&V ziet daar een rol weggelegd voor een groep van specialisten die een ruime stakeholdergroep vertegenwoordigen. Dit energiekabinet moet op basis van een aantal politieke krijtlijnen, uitgetekend door de bevoegde regeringen, een energieplan uitwerken, en draagvlak vinden. Zij worden op hun beurt bijgestaan door een stevige back-office met experten om de effecten en de haalbaarheid van de uitgewerkte scenario’s tot in detail door te rekenen. Net zoals in Nederland en Duitsland moet de gekozen richting vervolgens deel uitmaken van een breder maatschappelijk debat. Eens de definitieve keuzes gemaakt, staat een interfederale parlementaire energiecommissie in voor de permanente opvolging van te boeken vooruitgang.

Europese energiezekerheid

België is te klein om het alleen te redden. Er is nood aan een Europese aanpak inzake energiezekerheid. Naast een Europese markt en netwerk, is er vooral ook nood aan een politiek geharmoniseerde energiewetgeving en subsidiebeleid. CD&V pleit in deze voor een proces waarin enkele lidstaten vooroplopen. Een Belgisch capaciteitsmechanisme om de eigen bevoorrading voor 100% te verzekeren, is in dat kader geen werkbaar model. Oude gascentrales gaan subsidiëren is dus niet aan de orde. De partij wil de markt volop laten spelen in de omschakeling naar een nieuwe energievoorziening door de verantwoordelijkheid voor voldoende energievoorraad bij de energiespelers zelf te leggen.

Energienorm

Het is niet voor het eerst dat CD&V de energienorm als instrument voor een evenwichtige energiemarkt poneert. Dit houdt in dat in een Europees speelveld de verschillen tussen de energiefacturen in de buurlanden en België vergeleken worden voor alle verbruikersgroepen. CD&V wil dus niet alleen een energienorm voor energie-intensieve industrie, maar ook voor gezinnen en KMO’s. Die vergelijking is bepalend voor de manier waarop de energiefactuur mag evolueren. Verschillen moeten objectiveerbaar zijn. De bijhorende afwegingen ten aanzien van de competitiviteit en de lastenverdeling tussen gebruikers, is een rol op het lijf van de sociale partners geschreven. Zij krijgen dus hier een belangrijke nieuwe taak.

De energiefactuur

De energiefactuur kan wel degelijk worden bijgestuurd.  Een klimaatgestuurde taxshift van de elektriciteitsfactuur naar stookolie en aardgas bijvoorbeeld, behoort tot de voorstellen. Of minimale solidariteit van elke gebruiker (ook de nulgebruikers) voor het sociaal energiebeleid. Een tempoverhoging voor de realisatie van energiebesparingen in gebouwen is dringend nodig. Dat kan door een combinatie van een duidelijke richting, financiële stimulansen, ontzorging, en een maatschappelijke drive: vrienden, buren, kennissen, sectorgenoten die elkaar aanzetten om te investeren in hun woning of gebouw.  Zeker voor de aanpak van energiearmoede is bijkomende aandacht voor structurele energiebesparing van groot belang, met een bijzondere mix van maatregelen.

Het feit dat de biomassacentrale van Langerlo er niet komt, creëert een bijkomende mogelijkheid om de energiefactuur van de gezinnen en de bedrijven te verminderen. Door nu te kiezen voor betere én goedkopere bronnen van hernieuwbare energie kunnen we minstens € 80 miljoen besparen. Maar dan is een doordacht plan over hoe we onze doelstelling voor hernieuwbare energie gaan halen echt dringend nodig. Anders dreigt een boete en een factuurverhoging. Onze ministers van energie zijn gewaarschuwd.

Hernieuwbare energie

Als we de doelstellingen voor hernieuwbare energie tegen 2020 niet halen, dreigen boetes en dwangsommen ten belope van in totaal 83 miljoen euro per jaar. Er is dringend nood aan een plan, dat ook verder kijkt dan 2020. Tegen 2030 moet immers 27% van de Europese energie uit hernieuwbare bronnen worden gewonnen. Elke lidstaat heeft daarin zijn verantwoordelijkheid. Ook België.

Voor CD&V is de kernuitstap het uitgangspunt van de hele oefening. Dat het huidige getalm dit onhaalbaar zou maken, aanvaardt de partij niet als excuus voor een nieuwe verlenging. Verder is ook de kostenefficiëntie op basis van de totale systeemkost de leidraad. Dat maakt dat minstens voorlopig nog investeringen in fotovoltaïsche en windinstallaties op land het halen van te dure investeringen op zee.

Alternatieven zoals groene warmte (geothermie, biomassa voor warmte, restwarmte …) kunnen goedkoper zijn dan wind- of zonne-energie, maar vragen ook vaak een warmtenet. En die zijn op dit moment onvoldoende uitgebouwd. Ook hier zijn investeringen nodig. Het bewijst des te meer de dringende nood aan een plan.

Innovatie en efficiëntie

Nieuwe vormen van energiewinning vragen een redesign van het volledige energiedomein.

De synergie van Eandis en Infrax in Fluvius moet toelaten een versnelling hoger te schakelen in de ontwikkeling van een nieuw distributienetwerk dat slim energiegebruik mogelijk maakt in combinatie met steeds meer kleinschalige hernieuwbare energie. Er groeien diverse nieuwe modellen van energiediensten, slim zonder aan comfort te verliezen. Overheid en netbeheerders moeten de ruimte laten aan die private initiatieven.

Tegelijk moet innovatiesteun zorgen voor de creatie van Vlaamse niches en specialiteiten, zodat we ons deel van de energiekoek van de toekomst kunnen claimen. Een voorbeeld daarvan is elektrische mobiliteit. Samen met slimme netsystemen kan die bijdragen tot de momentane opvang van groene stroomoverschotten. Maar daarvoor is voldoende kritische capaciteit noodzakelijk. Precies daarom poneert CD&V als mikpunt om vanaf 2030 geen personenvoertuigen met fossiele krachtbron meer in te schrijven.

Het is duidelijk dat we onze doelstellingen niet halen met een losse flodderidee zo nu en dan. Zonder een doordacht plan worden we het kneusje van de klas in Europa en missen we alle kansen om internationaal een rol te spelen. We hebben nog maximaal 3 jaar voor 2020, en minder dan een jaar voor een eerste ontwerpplan voor Europa. De speeltijd is dus al lang voorbij, maar nog beweegt er weinig of niets. Onze voorzet kan het debat hopelijk in gang trekken. Daarna is het aan de ministers van energie om het zo snel mogelijk op kruissnelheid te brengen, en het mogelijk te maken eindelijk knopen door te hakken.

 

 

 

BijlageGrootte
Energievisie CD&V.pdf1.66 MB
 

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte, schrijf je in voor mijn nieuwsbrief. 

Twitter